Schade?

Bel ons (0174) 526 767

Adresgegevens Route

Duidelijkheid over voorwaarden overgangsregeling ontslagstamrecht

Duidelijkheid over voorwaarden overgangsregeling ontslagstamrecht.

Wij schreven u in onze vorige nieuwsbrief al over het vervallen van stamrechtvrijstelling -het afstorten van een gouden handdruk- voor ontslagvergoedingen per 01-01-2014. Er geldt een overgangsregeling. Dan moet aan een aantal voorwaarden worden voldaan. Het Centraal Aanspreekpunt Pensioenen van de belastingdienst publiceerde deze voorwaarden.

De belastingdienst heeft deze voorwaarden nog eens op een rij gezet;

Ontslag in 2014

Als de werknemer in 2014 wordt ontslagen gelden de volgende voorwaarden voor het krijgen van de stamrechtvrijstelling:

  • Het ontslag moet in 2013 aangezegd zijn en de ontslagdatum moet op 31 december 2013 vaststaan.
  • De dienstbetrekking wordt binnen een korte termijn na het vaststellen van de ontslagdatum beëindigd. Van een korte termijn is in ieder geval sprake als het gaat om de wettelijke opzegtermijn. Een wettelijke opzegtermijn kan oplopen tot maximaal een half jaar.
  • Vóór 1 januari 2014 moet de werkgever met zijn werknemer een overeenkomst opmaken en ondertekenen. Uit die overeenkomst moet blijken dat de werkgever aan zijn werknemer een aanspraak toekent op periodieke uitkeringen ter vervanging van gederfd of te derven loon, die niet later ingaan dan in het jaar waarin de werknemer de AOW-gerechtigde leeftijd bereikt. Uit de overeenkomst moet ook blijken dat de aanspraak wordt ondergebracht bij een professionele verzekeraar, een stamrecht-bv of bank en dat de stamrechtuitkeringen zijn bestemd voor wettelijk aangewezen begunstigden. Aan deze voorwaarde wordt ook voldaan als de werkgever en de werknemer overeenkomen dat de ontslaguitkering alleen kan worden aangewend als koopsom van een aanspraak, die voldoet aan de voorwaarden die zijn gesteld in artikel 11, eerste lid, onderdeel g, of artikel 11a van de Wet op de loonbelasting 1964. 
  • De werknemer gebruikt alleen een uitkering ter vervanging van gederfd of te derven loon voor het aankopen van een stamrecht. Een (na)betaling van loon, vakantiegeld, tantième of gratificatie is geen uitkering ter vervanging van gederfd of te derven loon. Op deze betalingen kan de werkgever de stamrechtvrijstelling niet toepassen. De (na)betaling is belast loon van de werknemer.

Overgangsrecht voor op 31 december 2013 bestaande stamrechten

Voor op 31 december 2013 bestaande stamrechten blijven de regels gelden zoals deze op 31 december 2013 waren. De voorwaarde dat het stamrecht in periodieke termijnen uitgekeerd moet worden, vervalt. Het stamrecht mag vanaf 1 januari 2014 dus ook in een keer worden opgenomen. Er is dan geen revisierente verschuldigd. Bestaande stamrechten kunnen dus onder de huidige voorwaarden worden voortgezet. Het overgangsrecht geldt ook voor stamrechten waarbij het ontslag plaatsvindt in 2014 en voldaan wordt aan de hierboven beschreven voorwaarden.

Voorwaarden 80% regeling bij afkoop stamrecht in 2014

Ter stimulering van opname in 2014 geldt voor dat jaar een bijzondere regeling. Als de (ex-) werknemer in 2014 de volledige waarde in het economische verkeer van het stamrecht in een keer laat uitbetalen, wordt 80% van dit bedrag belast. Deze faciliteit geldt alleen voor stamrechten waarvan de werkgever de verschuldigde ontslaguitkering vóór 15 november 2013 heeft overgemaakt naar de verzekeraar, stamrecht-bv of de bank. Het stamrecht kan ook door de werkgever in eigen beheer worden gehouden. Dan moet de werkgever zich voor 15 november verplicht hebben om als verzekeraar op te treden.